Het afscheid van Hector - Trojaanse echtelijke ruzie.

"Gij verdomde nietsnut
zomaar alleen laten een hulpeloze trut!
En buiten maar krijgertje gaan spelen
en een paar muilperen uitdelen.
Wat gaat er verdomme van uwen kleinen worden
als de snelvoetige donkerarmige Achaeërs
de stad aanvallen in eindeloze horden
wanneer gij daar buiten ligt tussen de pataters?"
Andromache sprak zo
en de helderogige Hector sprak zo:
"Wind u niet op mijn lieve zoetje
tegen Achilles´ zwaard zal mij beschermen mijn bepluimde hoedje
en of ik nu buiten sta of op de wallen
ooit moet ik eens onder de vijandige slagen vallen.
Dan zult ge nooit meer horen mijn lieflijke zangen
en zal de vijand mijn wapenuitrusting te drogen hangen.
Miljaar, wat kijk ik uit naar de dag
dat alle Trojanen zijn verslagen in de slag.
Dan zal een vurte ruwarmige scheelogige x-benige vijand
u meevoeren naar zijn ver over de zee zijnde vaderland.
Gij die hier de plak zwaait met de gratie van een boerin
zult dan zijn een hardwerkende javel-knieïge slavin.
En deze klein zijnde kaalhoofdig en matogig zijnde kleine
kunt ge meegeven aan de magerlijvige en rothuidige Heine
die met zijn snel zijnde zeis de levensdraad van de mensen
doorkapt die gemaakt is van diklijvig zijnde koeiepensen.
Men moet toch eens naar Hades gaan,
dus maak ik er nu een einde aan
want dan ben ik van u grootmondige en lelijklijvige af
gij die minder rond mijn nek hangt dan rond die van een wijnkaraf."
Zo sprak de donkerhandige traagvoetige Hector
en daarop zeide z´n lichthandige scheefvoetige uxor:
"Gij door Zeus vervloekte nieweird,
ik laat u niet gaan op uw peird.
Blijf bij mij mijn lieveling,
of de Achaeërs jagen u over de kling.
Daarbij, ik heb mijn ganse nietsnelgenoegvoetige familie verloren
en als gij naar Hades zijt is er niemand om mijn bevelen te aanhoren.
En gaat ge in d´onderwereld nie missen m´n snelklaarmakige roodbessige taart
waar ge op de groene en vast zijnde aarde zo dol op waart?"
Zo sprak de langharige kortbenige breedhoofdige haar klachte
en ze zag hoe de grijnsmondige Hector plots onbedaarlijk lachte.
Zijn wijf werd bedroefd in ´t hart
en vervuld van diepe smart.
Toen ze met haar traanogige kleinen huiswaarts keerde
kreeg ze zo een bevlieging dat ze zich met honing en ambrozijn insmeerde.
Met haar veel zijnde dienaressen zijnde helpsters hield ze een groot feest
want het vijfde gebod van de wolkencollectioneur Zeus leest:
treuren heeft geen zin, spaar uw snot,
want ik geef u toch naar willekeur uw lot.

Xavier De Jonge                            
opgedragen aan P. Vanderghote, sj.

 

Last updated on 1 September, 2001.